Vrijdag 22 augustus 2008 (Droog met een matig zonnetje en niet
zo warm 22 graden, ’s avonds een miezer buitje)
Vol spanning staan we op en gaan ontbijten. We moeten op tijd
weg omdat we naar Ucluelet verder moeten rijden. Daar hebben we het
walvis kijken al geboekt en dat is om 3 uur in de middag
verzamelen. We hoeven maar een krappe 200 km te rijden, maar daar
doe je toch ruim 3 uur over. Onderweg komen we erachter dat de
camping op de verkeerde datum is geboekt; een week later en dat is
toch echt niet de bedoeling. Nu maar hopen, dat we de boeking
kunnen omzetten naar vandaag en dat er überhaupt plaats is.
Gelukkig kunnen we het allemaal regelen zelfs een plek met
wateraansluiting en elektriciteit. We hebben dus weer eens een
poepie mazzel! We worden gewaarschuwd dat aan het strand regelmatig
beren verschijnen, dezen zijn nu nog niet agressief, maar we mogen
er niet heen lopen.
Nu op weg naar de walvissen. Onderweg komen we nog een heel
klein bruin beertje tegen langs de kant van de weg. Stoppen gaat
moeilijk, dus geen foto’s van deze kleine donderstraal. Vooral met
zo een klein beertje moet je helemaal voorzichtig zijn, maar niet
voor het kleine beertje, maar zijn moeder! Moeder beren met een
jong kunnen zeer agressief zijn. Na ongeveer 45 minuten rijden
komen we veel te vroeg bij het Whalewatch centrum aan. We vragen
gelijk of we voor morgen de “Berentocht” kunnen boeken en dat kan!
Dus morgen over het water kijken naar beren aan de kust, otters en
soms ook wolven, kortom weer een spannende dag. Maar nu eerst
genieten van vandaag. We willen wat eten in een restaurant
tegenover het centrum, maar dat zou te lang duren. Dus maar gewoon
in de camper een boterham met een kop thee genomen.
Eindelijk is het zo ver, we krijgen dikke regenpakken aan en
handschoenen. We lopen naar de boot om te vertrekken. Het is een
rubberboot met 4 banken erin. De voorste bank is de plek waar je
het meeste op en neer gaat. Wij kiezen de één na achterste bank.
Aan de boot hangen buitenboord motoren, wel 2, ieder van 200 pk.
Onze gids laat gelijk even zien wat de boot kan en geeft gas en
maakt een paar rake bochten. Daarna vol speed de zee op en dat is
geweldig. Al gauw zien we de 1e bultrug walvis en al
gauw duikt de 2e op. Geweldig, het is een mooi gezicht.
Ze kunnen wel 30 meter lang zijn en het zijn echte kolossen.
Als ze even boven water komen zie je zo mooi de rugvin en de
staart. Het is een genot om naar deze beesten te kijken. Toch
is de gids niet tevreden en vindt dat er te weinig activiteit is.
Via de radio krijgt hij van een collega door dat er ergens anders
nog 2 walvissen zijn en daar gaat hij heen. Als we daar aan komen,
blijkt het een moederwalvis te zijn met een kalf. Het is een unieke
ervaring om dit te zien. Als ik naast me kijk, zie ik Sandra een
wit snoetje hebben en dat wordt steeds erger. Uiteindelijk neem ik
de videocamera maar over, want het filmen gaat niet meer.
Plotseling staat Sandra op en ik grijp haar bij een riem van haar
pak, ze moet even over de boot heen hangen. Gelukkig, ze is het
kwijt en gaat zich al weer beter voelen. De medepassagiers en de
gids zijn heel vriendelijk en zorgen voor een kauwgom en water om
de vieze smaak weg te spoelen. Sandra kan weer volop genieten van
de tocht.
Dan komt het moment dat we terug moeten gaan. De gids maakt
nog een kleine omweg zodat we een zeeleeuw op een rots kunnen zien
liggen. Hij vertelt dat dit hele lieve en nieuwsgierige beesten
zijn. Als je gaat zwemmen komen ze gewoon naar je toe en blijven je
aankijken. Mensen zijn er wel bang voor, maar dat is nergens voor
nodig! Dan varen we naar nog een eiland voor de kust en zien hoog
in de boom een zeearend zitten. Het is een echtpaar en als ze voor
elkaar gekozen hebben, blijven ze hun leven lang bij elkaar en dat
kan wel 50 jaar zijn. Iets verder op in de boom hebben ze een nest
gemaakt. Deze vogels maken maar 1 keer in hun leven een nest en
blijven dit gebruiken. Ze bouwen elk jaar er weer een stukje aan.
Zo hebben ze nesten gevonden van 1500 kilo. Je kan je voorstellen
dat boomtakken dan kunnen afbreken. Hierna is de tocht echt
afgelopen en we gaan terug naar de haven. Daar staat koffie, thee
of chocomelk klaar en kunnen we nog even nagenieten met uitzicht op
de zee.
Sandra en ik hebben het plan opgevat om maar lekker uit eten
te gaan in het restaurant dat tussen de middag te druk was.
Trouwens maar goed dat we tussen de middag daar niet geluncht
hebben, wat dat zou zonde geweest zijn. We eten heerlijk en worden
bediend door een ober die in het Nederlands zegt “dat is lekker”.
Uiteraard willen we hiervan het onze weten dus vragen stellen. Ja
hoor, zijn moeder komt uit Nederland maar woont hier al 30 jaar.
Hij spreekt een paar woorden Nederlands. Trouwens onze maaltijd
bestond uit het voorgerecht Vissoep voor Sandra en mij en Warme
geitenkaas salade voor Mees. Als hoofdgerecht hebben we alle drie
gekozen voor een steak. We hebben nog geen een keer zo een lekkere
steak gegeten. Samen met een heerlijke fles rosé kon de avond niet
meer stuk. Helaas begon het steeds meer te regenen, dus besloten we
terug te rijden naar de camping, zodat Mees zijn vuurtje kon stoken
en wij heerlijk koffie konden drinken.
Het vuurtje stoken ging prima met hulp van de buurman. Wij
mochten zijn bijl gebruiken, dus Mees ging van de blokken houtjes
hakken. De buurman (een echte Canadees) moest volgens mij best wel
lachen om dat het allemaal een beetje moeilijk ging. Maar zoals een
vriendelijk Canadees doet, kwam hij met kerosine aan om even het
vuurtje op te stoken en dat lukte uitsteken. We hebben echter niet
lang van het vuurtje kunnen genieten, want het begon te regenen.
Echter in de loop van de avond werd het weer droog en wat blijkt,
Mees is een prima vuurtjes stoker, want zelfs na de bui even het
vuurtje opporren en de vlammen slaan weer uit de ton!
Morgen gaan we dus wild kijken, weer een spannende dag die we
vroeg gaan beginnen. Tot morgen.